![]() |
| Ethiopische jongen en zijn paraplu |
Sonntag, 29. Juli 2012
27/7/2012 Halverwege
Vandaag ben ik precies halverwege mijn verblijf in Ethiopië. Nog twee weken stage en één week reizen te gaan. Heimwee heb ik nog niet: het eten is lekker (op enkele teleurstellende maaltijden na), de mensen zijn vriendelijk, mijn slaapplaats is oké en mijn stage is interessant. Een pak Belgische frieten zou er weliswaar goed ingaan, maar dat is zeker niet genoeg om nu al mijn koffers te pakken.
In het ziekenhuis zijn de afgelopen week drie tweelingen geboren, naast een hele reeks singeltons uiteraard. Heugelijk nieuws staat hier jammer genoeg altijd in contrast met minder aangename gebeurtenissen. Vandaag nog hebben we op de consultaties een blaascarcinoom en een hepatocellulair carcinoom moeten diagnosticeren, diagnoses die in een land als België vaak geen goede prognose hebben en hier al helemaal niet. Ik heb hier ook al twee kinderen zien geboren worden met ernstige congenitale afwijkingen: extrophia vesicae en gastroschisis. Het kind met extrophia vesicae overleed kort na de geboorte. Het kind met gastroschisis hield het bijna een week vol, maar is intussen ook overleden. De moedersterfte in het ziekenhuis is ongeveer 1 op 300 bevallingen. En dan zijn er nog de vele ogenblikken waarop je in België vanalles had kunnen doen, maar hier in Ethiopië alleen een suboptimale oplossing voorgeschoteld krijgt omdat er gewoonweg niet genoeg middelen (geld én kennis) zijn. Dit zijn de alledaagse frustraties wanneer je in een Ethiopisch ziekenhuis werkt.
Gelukkig zijn er genoeg ongecompliceerde zwangerschappen en goed afgelopen ingrepen ter compensatie.
26/7/2012 De Olympische Spelen
Op de vooravond van de openingsceremonie van de Olympische Spelen is er hier maar één thema: hoe zal het Ethiopische team het ervan afbrengen op de 5000m, de 10 000m en de marathon? Zullen
de Ethiopische hardlopers het halen van de Kenianen? De Ethiopische televisie wijdt hele uitzendingen aan de helden van de vorige edities en aan het huidige team.
Van een bang afwachten is er bij de meeste Ethiopiërs echter geen sprake. Zij geloven in hun lopers en geven hen daarom ook massaal financiële steun om een deelname aan de Spelen mogelijk te maken. Wanneer de athleten dan terug komen met een gouden medaille rond hun nek, zullen ze zich nooit meer zorgen moeten maken over hun financiën. Zo is Haile Gebre Selassie nu een belangrijke zakenman in Ethiopië. Hij bezit meerdere bedrijven en hotels in het land.
Van een bang afwachten is er bij de meeste Ethiopiërs echter geen sprake. Zij geloven in hun lopers en geven hen daarom ook massaal financiële steun om een deelname aan de Spelen mogelijk te maken. Wanneer de athleten dan terug komen met een gouden medaille rond hun nek, zullen ze zich nooit meer zorgen moeten maken over hun financiën. Zo is Haile Gebre Selassie nu een belangrijke zakenman in Ethiopië. Hij bezit meerdere bedrijven en hotels in het land.
Maar wat maakt de Ethiopiërs nu zo een buitengewone hardlopers?
Eerst en vooral is er de structuur van het land: tussen het eigen huis/dorp en de eerstvolgende stad liggen er vaak 15 à 20 km. De meeste Ethiopiërs bezitten geen auto. In het beste geval hebben ze een ezel of een paard, maar meestal zijn ze verplicht om te voet te gaan. Om zo'n afstand snel te overbruggen, is lopen een voor de hand liggende oplossing. Je ziet hier inderdaad veel vaker mensen lopen dan in België.
Grote delen van Ethiopië zijn hoogland. Debre Markos ligt bijvoorbeeld op 2400m, en veel gebieden zijn nog hoger gelegen. Het effect van een lagere zuurstofdruk in de trainingsomgeving op sportprestaties is alom bekend. Waarschijnlijk zijn er ook bepaalde genetische factoren die een rol spelen.
Dan is er de voeding: injera zou een soort "superfood" met allerlei belangrijke voedingsstoffen kunnen zijn, al ben ik daar zelf niet zo van overtuigd na drie weken consumptie ervan.
Tenslotte is het beoefenen van lopen als sport ontzettend populair, zeker sinds Gebre Selassie. In elke stad vind je wel een athletiekclub. Hoe meer mensen een sport beoefenen, des te groter is de kans dat er een uitblinker tussen zit.
Montag, 23. Juli 2012
22/7/2012 Belay
![]() |
| Kloosterkerk bij het Tanameer |
Op een dag klopte een geheimzinnige oude man bij hem aan en vroeg een slaapplaats. Belay nam hem natuurlijk in zijn huis op en hij gaf hem ook te eten. Onder het eten kwamen ze in gesprek. Ze konden het zeer goed met elkaar vinden.
"Wat is je naam eigenlijk?" vroeg Belay na het eten.
"Ik ben de duivel," antwoordde de oude man, "ik bezit vele krachten. Offer je zoon op voor mij en je zal rijkelijk beloond worden."
"Maar dat wil ik helemaal niet!"
"Denk er vannacht over na, en geef me morgen je antwoord", zei de duivel met een glimlach.
Belay lag de hele nacht wakker, woelde en overwoog het aanbod van de duivel. Hij hield van zijn zoon, maar hij was ook een arme man met een bescheiden bestaan.
Bij het opgaan van de zon had hij een besluit genomen. Hij haalde zijn groot mes boven en nam zijn zoon mee naar het grasveld achter zijn huis. Hij liet de jongen knielen. In één ruk sneed hij de keel van zijn eigen kind over alsof het een lam was. Dan riep hij de duivel bij hem.
"Ik zie je beslissing, beste Belay", zei de duivel.
"Word ik nu beloond?", vroeg Belay.
"Niet zo snel, je moet eerst zelf van het vlees geproefd hebben!", antwoordde de duivel en hij grinnikte.
Met enige walging sneed Belay een stuk vlees van zijn zoon af en stak het in zijn mond. Hij verwachtte het ergste, maar de smaak was overheerlijk. Zoiets had hij nog nooit geproefd, hier moest hij meer van hebben! Hij verslond zijn zoon met een snelheid die zelfs een hongerige leeuw niet ge
ëvenaard zou hebben.
De duivel verdween met de noorderzon, en hij liet Belay achter met een vurig verlangen: nog meer mensenvlees proeven. Belay was een goed man, dus probeerde hij dat verlangen te onderdrukken. Hij hield het slechts enkele dagen vol; op de derde dag veranderde hij in een monster. Dagenlang raasde hij door dorp en verslond stuk voor stuk zijn slachtoffers. Het nieuws van de kannibaal bereikte gelukkig snel de reizigers en de anders zo drukke weg liep leeg.
Aangezien Belay alle zeventig dorpelingen uitgemoord had, moest hij zijn dorp verlaten om vers vlees te vinden. Langs de weg zag hij een melaatse zitten. "Misschien sla ik deze beter over, die zal vast zwaar op mijn maag liggen", dacht Belay.
De melaatse richtte zijn ogen op tot Belay en smeekte met een hese stem: "Geef me water, alstublieft, in de naam van de Maagd Maria!"
Belay had een zak water mee en hij was een goed man. Hij schonk water uit voor de melaatse. "In naam van Maria schenk ik je dit water" prevelde hij. Dan ging hij verder.
![]() |
| Sint Michael en Sint Gabriel |
Hij reisde vele dagen, maar alle reizigers waren van de straat verdwenen. Hij kon geen mensen meer vinden, en ander voedsel wilde hij niet meer nuttigen.
Hij werd zienderogen dunner, tot hij nog maar vel over been was. Uiteindelijk was hij zo zwak geworden dat hij zich te rusten moest leggen onder een grote boom. Daar blies hij zijn laatste adem uit.
De aartsengel Michael verscheen voor Belay om over hem te oordelen. De zeventig doden kwamen in de linkerhelft van de weegschaal. De zonden wogen zwaar door. Rechts stroomde het geschonken water in de weegschaal, maar het was niet genoeg om de weegschaal te doen doorslaan naar de goede kant. Met een knal verscheen de duivel om Belay mee te sleuren naar de hel.
Plots kwam echter Maria te voorschijn van achter de boom. Haar schaduw viel op de rechter schaal en de hele weegschaal kantelde naar rechts. Belay werd dus ondanks zijn zonden opgenomen in de hemel. Want wie zijn bezittingen in naam van Maria deelt met de armsten, zal vergiffenis vinden voor de zwaarste zonden.
(Uit de Mariaverhalen van de Ethiopische Kerk)
22/7/2012 Bahar Dar
Vrijdagochtend werd ik om 6u uit mijn bed gegooid door Dessie, de plaatselijke hoteljongen. Hij had een wagen en bestuurder gevonden die P. en mij naar Bahar Dar zou brengen voor een goed prijsje. Er volgde een vier uur durende reis op de achterbank van een Toyota pickup uit de jaren '90. Afgezien van het feit dat de bestuurder onderweg een aantal keren stopte om belangrijke aankopen te doen (brandhout, een gevlochten mand en een zak appelsienen), was het voor mij de comfortabelste reis tot nu toe in dit land.
![]() |
| Belangrijke inkopen! |
In de late voormiddag kwamen we aan in Bahar Dar en regelden we snel een slaapplaats. Vervolgens trokken we naar de watervallen van de Blauwe Nijl op ongeveer 38 km van de stad. Het vervoer was een minibus en de weg was in slechte staat. Resultaat: het duurde meer dan een uur voor we onze bestemming bereikt hadden en we waren goed door elkaar geschud (idem voor de terugweg trouwens). Maar dat was snel vergeten. De watervallen zijn een zeer mooi stukje natuur en de wandeling biedt een prachtig panorama. Ook de portugese brug over de Nijl in de buurt is de moeite.
![]() |
| Portugese Brug |
![]() |
| Watervallen van de Blauwe Nijl |
's Avonds aten we injera met baijenatu (allerlei groenten, zoals steeds pikant gekruid) in een restaurant/bar met de naam Balageru. Na het eten konden we er het "schouderdansen" bijwonen. Schouderdansen is de traditionele danswijze van het Ethiopisch hoogland. Voorbeelden kan je en masse op youtube terugvinden.
Zaterdagvoormiddag bezochten we de eilanden van het Tanameer met de boot. Op de eilanden bevinden zich sinds de veertiende eeuw kloosters. We bezochten twee van de kloosterkerken. Die kerken hebben een ronde vorm. In het centrum is het heiligste deel, dat niet toegankelijk is voor leken en dat gebouwd is in steen. Op de stenen muren zijn schilderijen aangebracht. De oudste bewaarde schilderijen dateren uit de vijftiende eeuw, maar de meeste zijn negentiende-eeuws of recenter. De schilderijen worden immers op stoffen doeken geschilderd, die op de muren zijn aangebracht, en zo'n doeken zijn gevoelig aan parasieten en aan vocht. Het stenen centrum wordt omringd door een houten bouwwerk, dat op zich nog eens opgedeeld is in twee gangen. De binneste gang is de plaats voor de zangers (dit zijn monniken en priesters), de buitenste gang biedt plaats voor de gelovigen. Typisch is dat je je schoenen moet uitdoen voor het betreden van de kerk.
![]() |
| Papyrusboot op het Tanameer |
![]() |
| Gelovigen in een kloosterkerk |
Op de terugweg van de eilanden voeren we een stukje de Nijl op. Dit is het gebied waar je met een beetje geluk nog nijlpaarden kan spotten. En we hadden veel geluk! Een groepje van vier nijlpaarden dobberde niet ver van de uitmonding van de Nijl in het water!
De terugreis vanochtend was "the true ethiopian travelling experience", we reisden namelijk met een Toyota minibus terug. Als blanke betaal je meer dan de lokale bevolking, in ons geval was het maar 25 bir per persoon meer (goed afgedongen!). De minibus stopt op zeer regelmatige basis om meer reizigers op te pikken of mensen af te zetten. Hij rijdt soms ook een stuk terug als er niet genoeg mensen aan boord zijn! Er is geen bovengrens voor het aantal passagiers, op één ogenblik zat er zeker dertig man in de bus. Comfortabel was het zeker niet en de rijstijl van de chauffeur was bij momenten zeer onrustwekkend! Kortom: het is een klein wonder dat ik in één stuk terug in Debre Markos aangekomen ben en dat mijn lichaam niet ergens in een gracht ligt te rotten.
PS: In Bahar Dar stapte ik ook een Ethiopian Airlineskantoor binnen. Ik vlieg naar Lalibela in augustus!
Donnerstag, 19. Juli 2012
18/7/2012 I'm not the only forenji in the village
![]() |
| Overal koeien, en ander vee! |
Gelukkig kon ik mijn kleren snel wisselen voor mijn ok-pakje. Op het menu stonden een genitale prolaps en een door de cervix geprolabeerd gepedunculeerd uterusmyoom. Vandaag was er geen water, dus het scrubben gebeurde niet alleen met een stuk zeep, maar ook met een kannetje water. Op mijn kamer heb ik momenteel ook geen water, hopelijk is het morgenochtend weer in orde. Water en elektriciteit zijn hier echt niet vanzelfsprekend.
Ander nieuws: ik ben niet echt de enige vreemdeling hier, vaak komen hier toeristen op doorreis: vanochtend zat hier zelfs een groepje Vlamingen te ontbijten en te klagen over het watergebrek. Verder ontmoette ik ook Danny, de IT-man van de universiteit aan wie ik mijn internetverbinding te verdanken heb, Pam, uit Canada, Chad en Jennifer uit de VS en Eleonora en Constanza uit Italië. Toch ben je hier als blanke echt iets exotisch. Vooral de kleine kindjes in het ziekenhuis en de clinic kunnen hun verbazing niet verbergen als ze mij zien zitten. Sommige volwassenen zijn even erg, zeker de boeren die vanuit de omliggende dorpen komen. Op sommige momenten voel je je dan weer een VIP: iedereen zwaait en zegt "Hi" of "Salamnu". Al word je het terugzwaaien op de duur natuurlijk ook beu... (Als forenji loop je trouwens hoog risico van op de Ethiopische televisie te komen, ik zal jullie weten wanneer het zover komt...)
Dit weekend ga ik naar Bahar Dar en het Tanameer, meer daarover na het weekend.
![]() |
| Zo zien de taxi's eruit |
16/7/2012 Verkeersveiligheid
Vandaag werd voor het ziekenhuis een bedelaar aangereden door een politiewagen. Hij overleed ter plekke.
13/7/2012 HIV
Vandaag bezocht ik ook de Debre Markos Mission of Charity, geleid door Moeder-Theresa-nonnen. Het is een weeshuis waar ongeveer 120 kinderen en tieners verblijven. De meeste zijn HIV-positief. De nonnen hebben in totaal 14 van zo'n instellingen in het land, waarvan enkele ook volwassenen opvangen.
Dit brengt mij op het thema HIV. De laatste week heb ik maar een drietal seropositieve patiënten gezien, tijdens de avondconsultaties vandaag zijn daar nog vier bijgekomen. Dat brengt het totaal op zeven diagnoses op één week tijd. Je moet er wel rekening mee houden dat men alleen screent bij sterk vermoeden of in het kader van prenatale follow-up. Labo-onderzoek kost immers geld. Bovendien heeft niet iedere Ethiopiër toegang tot voldoende gezondheidszorg. Op het platteland is dit problematisch.
De cijfers zijn hoog in vergelijking met gemiddelde Belgische cijfers, maar in verhouding met bijvoorbeeld Zuid-Afrika valt het goed mee. Een mogelijke verklaring hiervoor is de christelijke traditie van het land. Vooral op het platteland is de bevolking zeer conservatief: als je getrouwd bent, heb je alleen seksuele betrekkingen met je partner. Om nog eens de vergelijking met Zuid-Afrika te maken: daar is polygamie normaal, zelfs de president doet eraan mee. Uiteraard biedt monogamie geen volledige bescherming: een tragisch verhaal uit de consultaties was dat van een vrouw, die pas enkele maanden geleden te weten kwam dat haar man seropositief is. Na controle van haar serostatus bleek zij ook positief.
In de grotere steden in
Ethiopië is er minder sociale controle en meer promiscuïteit, bijgevolg zijn er meer HIV-positieven. In Ethiopië wordt de geïnfecteerde vaak door zijn familie verzorgd. Zij hebben een verhoogd risico op infectie omdat ze doorgaans niet weten wat risicovol is in de omgang met bv. lichaamssecreties. Op het platteland ontstaat het risico door een gebrekkige gezondheidszorg en dus potentiële onderdiagnose.
Het pijlpunt van het HIV-preventieplan van de Ethiopische regering is het gratis aanbieden van condooms (jawel, er liggen er ook in mijn nachtkastje). Toch heb ik op de consultaties al een aantal gevallen van onveilig vrijen gezien, de meeste waren gelukkig zonder nefaste gevolgen. Verdere preventie door gezondheidsopvoeding lijkt dus noodzakelijk.
Wanneer een patiënt gediagnosticeerd wordt met HIV, wordt hij doorverwezen naar een HIV-centrum (Debre Markos Referral Hospital is er één). Daar is de opvolging en de medicatie over het algemeen gratis. Dit bevordert de compliance en is een tweede belangrijk punt in de aanpak van HIV in Ethiopië.
Opmerking: Exacte statistieken over de HIV-incidentie in Debre Markos moet ik jullie helaas verschuldigd blijven.Ethiopië is een land met weinig statistieken. Ter illustratie: de economische groei bedraagt hier elk jaar exact 11%.
Dit brengt mij op het thema HIV. De laatste week heb ik maar een drietal seropositieve patiënten gezien, tijdens de avondconsultaties vandaag zijn daar nog vier bijgekomen. Dat brengt het totaal op zeven diagnoses op één week tijd. Je moet er wel rekening mee houden dat men alleen screent bij sterk vermoeden of in het kader van prenatale follow-up. Labo-onderzoek kost immers geld. Bovendien heeft niet iedere Ethiopiër toegang tot voldoende gezondheidszorg. Op het platteland is dit problematisch.
De cijfers zijn hoog in vergelijking met gemiddelde Belgische cijfers, maar in verhouding met bijvoorbeeld Zuid-Afrika valt het goed mee. Een mogelijke verklaring hiervoor is de christelijke traditie van het land. Vooral op het platteland is de bevolking zeer conservatief: als je getrouwd bent, heb je alleen seksuele betrekkingen met je partner. Om nog eens de vergelijking met Zuid-Afrika te maken: daar is polygamie normaal, zelfs de president doet eraan mee. Uiteraard biedt monogamie geen volledige bescherming: een tragisch verhaal uit de consultaties was dat van een vrouw, die pas enkele maanden geleden te weten kwam dat haar man seropositief is. Na controle van haar serostatus bleek zij ook positief.
In de grotere steden in
Ethiopië is er minder sociale controle en meer promiscuïteit, bijgevolg zijn er meer HIV-positieven. In Ethiopië wordt de geïnfecteerde vaak door zijn familie verzorgd. Zij hebben een verhoogd risico op infectie omdat ze doorgaans niet weten wat risicovol is in de omgang met bv. lichaamssecreties. Op het platteland ontstaat het risico door een gebrekkige gezondheidszorg en dus potentiële onderdiagnose.
Het pijlpunt van het HIV-preventieplan van de Ethiopische regering is het gratis aanbieden van condooms (jawel, er liggen er ook in mijn nachtkastje). Toch heb ik op de consultaties al een aantal gevallen van onveilig vrijen gezien, de meeste waren gelukkig zonder nefaste gevolgen. Verdere preventie door gezondheidsopvoeding lijkt dus noodzakelijk.
Wanneer een patiënt gediagnosticeerd wordt met HIV, wordt hij doorverwezen naar een HIV-centrum (Debre Markos Referral Hospital is er één). Daar is de opvolging en de medicatie over het algemeen gratis. Dit bevordert de compliance en is een tweede belangrijk punt in de aanpak van HIV in Ethiopië.
Opmerking: Exacte statistieken over de HIV-incidentie in Debre Markos moet ik jullie helaas verschuldigd blijven.Ethiopië is een land met weinig statistieken. Ter illustratie: de economische groei bedraagt hier elk jaar exact 11%.
13/7/2012 Bunna
Vandaag nodigde de dienst pediatrie mij uit voor een koffieceremonie. Eigenlijk lust ik geen koffie, maar zo'n uitnodiging mag je echt niet afslaan. Uiteindelijk is 13 juli 2012 de geschiedenis ingegaan als de dag dat ik koffie (of tenminste vers gemaakte Ethiopische "bunna") leerde drinken.
Koffieceremonies zijn een belangrijk deel van de Ethiopische cultuur. Lange tijd waren ze verboden voor de orthodoxe christenen in het land, maar sinds ongeveer tweehonderd jaar zijn ze voor iedereen toegelaten.
Het gaat als volgt in zijn werk:
De gastvrouw (of in mijn geval de verpleegkundige) nodigt je uit voor de ceremonie.
Op de grond ligt vers gemaaid gras en wat bloemen. Daarop komt een tafeltje met de koffiekopjes. Er wordt wierook aangestoken.
De koffiebonen worden vers geroosterd, gemalen en opgelost in water. Dat mengsel wordt evenredig verspreid over alle koffiekopjes.
Vervolgens doet de gastvrouw een lepel suiker in elk kopje.
Dan wordt het kokend water toegevoegd.
Er wordt popcorn of brood uitgedeeld aan de gasten en iedere gast krijgt zijn eigen kop koffie.
Normaal gezien moet je drie koppen koffie gedronken hebben voor je afscheid mag nemen van de gastvrouw, maar de moderne Ethiopi
ër mag ook na één kopje vertrekken.
Koffieceremonies zijn een belangrijk deel van de Ethiopische cultuur. Lange tijd waren ze verboden voor de orthodoxe christenen in het land, maar sinds ongeveer tweehonderd jaar zijn ze voor iedereen toegelaten.
Het gaat als volgt in zijn werk:
De gastvrouw (of in mijn geval de verpleegkundige) nodigt je uit voor de ceremonie.
Op de grond ligt vers gemaaid gras en wat bloemen. Daarop komt een tafeltje met de koffiekopjes. Er wordt wierook aangestoken.
De koffiebonen worden vers geroosterd, gemalen en opgelost in water. Dat mengsel wordt evenredig verspreid over alle koffiekopjes.
Vervolgens doet de gastvrouw een lepel suiker in elk kopje.
Dan wordt het kokend water toegevoegd.
Er wordt popcorn of brood uitgedeeld aan de gasten en iedere gast krijgt zijn eigen kop koffie.
Normaal gezien moet je drie koppen koffie gedronken hebben voor je afscheid mag nemen van de gastvrouw, maar de moderne Ethiopi
ër mag ook na één kopje vertrekken.
11/7/2012 Onweer!
![]() |
Ik ben nu al bijna een week in Ethiopië. Hoewel mijn Amhaars nog te wensen overlaat, begin ik toch beetje bij beetje vertrouwd te geraken met het land en zijn gewoontes.
Het regenseizoen is minder erg dan ik had verwacht: het regent of onweert meestal twee à drie keer per dag, maar tussenin is er zonneschijn. De modder moet je er maar bijnemen. Van het thuisfront hoorde ik trouwens dat het weer daar niet beter is. Elke ochtend wandel ik ongeveer anderhalve kilometer naar het ziekenhuis. Tot nu toe ben ik altijd droog gebleven, laten we hopen dat het zo blijft.
Het grote probleem van het vele onweer is dat de elektriciteit af en toe (lees: quasi elke dag) uitvalt. Gisteren en eergisteren zat een groot deel van de stad zonder elektriciteit. Gelukkig is het ziekenhuis in het bezit van een generator. In de clinic bleef het licht (en ook de microscoop, echo, etc.) uit, toch liepen de consultaties tot na 20u uit!
Qua pathologie kan ik zeker niet klagen: maandag en dinsdag stonden er meteen twee urgenties op het ok-programma (uterusruptuur en wonddehiscentie met eventratie van een groot stuk dunne darm). Ook in de clinic en in de consultaties is er veel te beleven (leve typhus, malaria en lintworm!).
Qua materiaal is er echter veel ruimte voor verbetering. Enkele voorbeelden: scrubben doe je hier met een stuk zeep, de dienst radiologie werkt met een machine uit de jaren zestig, de bedden van de patiënten zijn ronduit groezelig, vaak is er geen lopend water, op de dienst pediatrie ligt een verbrand kindje dat baat zou hebben bij huidgreffes... Sommige diensten worden bijgestaan door Rotary Clubs uit Oostenrijk en Duitsland en een aantal andere organisaties (USAid, UN, Unicef,...). Zo is er een mooi gebouw voor de oftalmologen (katarakt is hier een frequente aandoening) en heeft de dienst neonatale deze week haar eerst couveuse in ontvangst mogen nemen. Niet alles is slecht dus, maar toch doet het pijn om toe te zien hoe goede geneeskunde verhinderd wordt door een gebrek aan financiële middelen. De dokters zijn hier over het algemeen immers goed opgeleid.
Terwijl ik dit schrijf, is er nog een onweer losgebarsten. En nu valt de elektriciteit voor de zoveelste keer uit...
Het regenseizoen is minder erg dan ik had verwacht: het regent of onweert meestal twee à drie keer per dag, maar tussenin is er zonneschijn. De modder moet je er maar bijnemen. Van het thuisfront hoorde ik trouwens dat het weer daar niet beter is. Elke ochtend wandel ik ongeveer anderhalve kilometer naar het ziekenhuis. Tot nu toe ben ik altijd droog gebleven, laten we hopen dat het zo blijft.
Het grote probleem van het vele onweer is dat de elektriciteit af en toe (lees: quasi elke dag) uitvalt. Gisteren en eergisteren zat een groot deel van de stad zonder elektriciteit. Gelukkig is het ziekenhuis in het bezit van een generator. In de clinic bleef het licht (en ook de microscoop, echo, etc.) uit, toch liepen de consultaties tot na 20u uit!
Qua pathologie kan ik zeker niet klagen: maandag en dinsdag stonden er meteen twee urgenties op het ok-programma (uterusruptuur en wonddehiscentie met eventratie van een groot stuk dunne darm). Ook in de clinic en in de consultaties is er veel te beleven (leve typhus, malaria en lintworm!).
Qua materiaal is er echter veel ruimte voor verbetering. Enkele voorbeelden: scrubben doe je hier met een stuk zeep, de dienst radiologie werkt met een machine uit de jaren zestig, de bedden van de patiënten zijn ronduit groezelig, vaak is er geen lopend water, op de dienst pediatrie ligt een verbrand kindje dat baat zou hebben bij huidgreffes... Sommige diensten worden bijgestaan door Rotary Clubs uit Oostenrijk en Duitsland en een aantal andere organisaties (USAid, UN, Unicef,...). Zo is er een mooi gebouw voor de oftalmologen (katarakt is hier een frequente aandoening) en heeft de dienst neonatale deze week haar eerst couveuse in ontvangst mogen nemen. Niet alles is slecht dus, maar toch doet het pijn om toe te zien hoe goede geneeskunde verhinderd wordt door een gebrek aan financiële middelen. De dokters zijn hier over het algemeen immers goed opgeleid.
Terwijl ik dit schrijf, is er nog een onweer losgebarsten. En nu valt de elektriciteit voor de zoveelste keer uit...
![]() |
| Ze hebben hier ook pony's! |
11/7/2012 De krokodil en de struisvogel
Heel lang geleden had de struisvogel korte beentjes en woonde hij zij aan zij met zijn beste vriend, de krokodil, in het moeras.
Op een dag echter kreeg de krokodil grote honger. Hoe hard hij ook zocht, hij vond niets meer om te eten. Hij dacht diep na tot zijn blik op de struisvogel viel.
"Vriend struisvogel, ik denk dat er iets tussen mijn tanden zit", zei hij.
"Zal ik eens kijken?" opperde de struisvogel.
"Dat lijkt me een goed idee, maar je moet je kop diep genoeg in mijn mond steken om het probleem te kunnen zien."
De struisvogel stak zijn hoofd dieper en dieper in de mond van de krokodil. Plots sloot de krokodil zijn mond en hij beet in één hap de kop van de stuisvogel eraf.
Sindsdien mijden stuisvogels het gezelschap van de krokodil: ze kregen lange benen, ze verhuisden van het moeras naar de savanne en ze steken 's nachts nog altijd hun kop in het zand uit vrees dat de krokodil hen zou kunnen opeten.
(oud Ethiopisch verhaal)
Op een dag echter kreeg de krokodil grote honger. Hoe hard hij ook zocht, hij vond niets meer om te eten. Hij dacht diep na tot zijn blik op de struisvogel viel.
"Vriend struisvogel, ik denk dat er iets tussen mijn tanden zit", zei hij.
"Zal ik eens kijken?" opperde de struisvogel.
"Dat lijkt me een goed idee, maar je moet je kop diep genoeg in mijn mond steken om het probleem te kunnen zien."
De struisvogel stak zijn hoofd dieper en dieper in de mond van de krokodil. Plots sloot de krokodil zijn mond en hij beet in één hap de kop van de stuisvogel eraf.
Sindsdien mijden stuisvogels het gezelschap van de krokodil: ze kregen lange benen, ze verhuisden van het moeras naar de savanne en ze steken 's nachts nog altijd hun kop in het zand uit vrees dat de krokodil hen zou kunnen opeten.
(oud Ethiopisch verhaal)
08/07/2012 (of 1/11/2004 volgens de Ethiopische kalender): Eerste indrukken
Na een relatief aangename vlucht - geen turbulenties maar ook weinig slaap- kwam ik donderdagochtend in Addis Abeba aan. Het regenseizoen had even een pauze genomen dus ik kon samen met Tariku (kennis van een kennis, want alles gaat hier gemakkelijker als je goede connecties hebt) genieten van een ontbijt op een zonovergoten terras.
Addis is druk-druk-druk: overal mensen, auto's, taxi's, bussen, ezels, geiten, honden, kippen, koeien... Eigenlijk is het meer een uit de kluiten gewassen dorp dan een stad. Alleen de grote straten zijn geasfalteerd, van daaruit ontspringt een onoverzichtelijk netwerk van weggetjes waarlangs er nogal bouwvallige hutjes staan. In het centrum zijn er een aantal hogere gebouwen, waarin je kantoren, banken en winkels kan vinden. Tenslotte is er ook nog de woonst van de president: een imposant paleis met een aantal bijgebouwen omringd door een immense tuin. Dat geld had beter kunnen geïnvesteerd worden, vond Tariku, ik kan hem geen ongelijk geven.
Addis is druk-druk-druk: overal mensen, auto's, taxi's, bussen, ezels, geiten, honden, kippen, koeien... Eigenlijk is het meer een uit de kluiten gewassen dorp dan een stad. Alleen de grote straten zijn geasfalteerd, van daaruit ontspringt een onoverzichtelijk netwerk van weggetjes waarlangs er nogal bouwvallige hutjes staan. In het centrum zijn er een aantal hogere gebouwen, waarin je kantoren, banken en winkels kan vinden. Tenslotte is er ook nog de woonst van de president: een imposant paleis met een aantal bijgebouwen omringd door een immense tuin. Dat geld had beter kunnen geïnvesteerd worden, vond Tariku, ik kan hem geen ongelijk geven.
Vrijdagochtend stond ik om 4u30 op om de bus naar Debre Markos te nemen. Eerst nog een taxiritje door een slapende stad (waarbij de chauffeur bijna een ezel aanreed), dan alles inladen in de bus van Chinese makelij en vervolgens wachten totdat de bestuurder zin had om te vertrekken.
De weg was in goede staat en de reis liep vlotjes tot net voor de Blauwe Nijl. Daar was de weg geblokkeerd, maar niemand kon mij vertellen waarom... Een kwartiertje pauzeren en genieten van het uitzicht dus. Ik maakte van de gelegenheid gebruik om een praatje te slaan met een ex-majoor van het Ethiopisch leger, die geen al te grote fan was van de huidige regering. De meeste Ethiopiërs die ik tot nu toe gesproken heb, zijn overigens ontevreden over hun regering. Dat is niet verbazingwekkend aangezien de huidige machthebbers de laatste verkiezingen gewonnen hebben met meer dan 99% en de oppositie in het parlament uit 1 persoon bestaat. De mensen letten er zelfs op als ze op café gaan: Pepsi en Dashen (een van de twee grote biersoorten) zijn immers in handen van regeringsleden, en mogen dus niet besteld worden.
Het tweede deel van de route (Blauwe Nijl- Debre Markos) was minder comfortabel: de weg was in slechte toestand en de Chinezen hadden duidelijk gespaard bij de vering. Rond 13u kwam ik aan in Debre Markos. Eerste indruk: een kleinere versie van Addis, overzichtelijker maar niet rustiger. Mijn onderdak is het FM International Hotel, wat een enigzins vreemde naam is want ik ben momenteel de enige "forinji" (blanke) onder de Ethiopische gasten. Dr. Abinet liet mij het ziekenhuis zien (denk "gemiddeld Afrikaans ziekenhuis" en je hebt het juiste beeld) en trakteerde mij ook op mijn eerste echte Ethiopische maaltijd: injera met shiro en nog een aantal bijlagen. Echt lekker!
Gisterenochtend was ik uitgenodigd op de proclamatie van de lokale universiteit: een groot feest met onder meer een gastoptreden van Markos, een bekende stand-up comedian. Jammer genoeg was alles in het Amhaars, maar mijn buurman vertaalde stukken ervan naar gebrekkig Engels. Positief was dat er onder de afgestudeerden een hele hoop meisjes terug te vinden waren. Een job vinden in Ethiopië is trouwens niet gemakkelijk, ook als je een universitair diploma hebt.
Na de proclamatie gingen de studenten uit eten met de families. Dr.Abinet en ik gingen naar zijn clinic voor consultaties, vervolgens op zaaltoer in het ziekenhuis en daarna terug naar de clinic. Ook vandaag, zondag dus, is er werk in de clinic.
Abonnieren
Posts (Atom)













