Donnerstag, 19. Juli 2012

‎08/‎07/2012 (of 1/11/2004 volgens de Ethiopische kalender): Eerste indrukken

Na een relatief aangename vlucht - geen turbulenties maar ook weinig slaap- kwam ik donderdagochtend in Addis Abeba aan. Het regenseizoen had even een pauze genomen dus ik kon samen met Tariku (kennis van een kennis, want alles gaat hier gemakkelijker als je goede connecties hebt) genieten van een ontbijt op een zonovergoten terras.

Addis is druk-druk-druk: overal mensen, auto's, taxi's, bussen, ezels, geiten, honden, kippen, koeien... Eigenlijk is het meer een uit de kluiten gewassen dorp dan een stad. Alleen de grote straten zijn geasfalteerd, van daaruit ontspringt een onoverzichtelijk netwerk van weggetjes waarlangs er nogal bouwvallige hutjes staan. In het centrum zijn er een aantal hogere gebouwen, waarin je kantoren, banken en winkels kan vinden. Tenslotte is er ook nog de woonst van de president: een imposant paleis met een aantal bijgebouwen omringd door een immense tuin. Dat geld had beter kunnen ge
ïnvesteerd worden, vond Tariku, ik kan hem geen ongelijk geven.

Vrijdagochtend stond ik om 4u30 op om de bus naar Debre Markos te nemen. Eerst nog een taxiritje door een slapende stad (waarbij de chauffeur bijna een ezel aanreed), dan alles inladen in de bus van Chinese makelij en vervolgens wachten totdat de bestuurder zin had om te vertrekken.

De weg was in goede staat en de reis liep vlotjes tot net voor de Blauwe Nijl. Daar was de weg geblokkeerd, maar niemand kon mij vertellen waarom... Een kwartiertje pauzeren en genieten van het uitzicht dus. Ik maakte van de gelegenheid gebruik om een praatje te slaan met een ex-majoor van het Ethiopisch leger, die geen al te grote fan was van de huidige regering. De meeste Ethiopiërs die ik tot nu toe gesproken heb, zijn overigens ontevreden over hun regering. Dat is niet verbazingwekkend aangezien de huidige machthebbers de laatste verkiezingen gewonnen hebben met meer dan 99% en de oppositie in het parlament uit 1 persoon bestaat. De mensen letten er zelfs op als ze op café gaan: Pepsi en Dashen (een van de twee grote biersoorten) zijn immers in handen van regeringsleden, en mogen dus niet besteld worden.

De Blauwe Nijl
Het tweede deel van de route (Blauwe Nijl- Debre Markos) was minder comfortabel: de weg was in slechte toestand en de Chinezen hadden duidelijk gespaard bij de vering. Rond 13u kwam ik aan in Debre Markos. Eerste indruk: een kleinere versie van Addis, overzichtelijker maar niet rustiger. Mijn onderdak is het FM International Hotel, wat een enigzins vreemde naam is want ik ben momenteel de enige "forinji" (blanke) onder de Ethiopische gasten. Dr. Abinet liet mij het ziekenhuis zien (denk "gemiddeld Afrikaans ziekenhuis" en je hebt het juiste beeld) en trakteerde mij ook op mijn eerste echte Ethiopische maaltijd: injera met shiro en nog een aantal bijlagen. Echt lekker!

Gisterenochtend was ik uitgenodigd op de proclamatie van de lokale universiteit: een groot feest met onder meer een gastoptreden van Markos, een bekende stand-up comedian. Jammer genoeg was alles in het Amhaars, maar mijn buurman vertaalde stukken ervan naar gebrekkig Engels. Positief was dat er onder de afgestudeerden een hele hoop meisjes terug te vinden waren. Een job vinden in Ethiopië is trouwens niet gemakkelijk, ook als je een universitair diploma hebt.
Na de proclamatie gingen de studenten uit eten met de families. Dr.Abinet en ik gingen naar zijn clinic voor consultaties, vervolgens op zaaltoer in het ziekenhuis en daarna terug naar de clinic. Ook vandaag, zondag dus, is er werk in de clinic.

Keine Kommentare:

Kommentar veröffentlichen